31/03/2026
Vrouwen* en partners kunnen voor psychosociale hulp na abortus terecht bij gespecialiseerde hulpverleners in het hele land. Fiom publiceert elk jaar een factsheet met de belangrijkste gegevens over deze trajecten. In 2025 werden 267 trajecten psychosociale hulp na abortus afgerond. De meeste trajecten duurden maximaal drie maanden en bestonden uit drie gesprekken. Hulpverleners spraken vaak met een vrouw alleen (88%) en de begeleiding vond meestal plaats op de locatie van de hulpverlener (64%). Bij 92% van de cliënten was de abortus minder dan een jaar geleden. De meest voorkomende klacht waarvoor iemand hulp zocht was verdriet.
Trajecten psychosociale hulp na abortus
Een traject bestaat uit één of meerdere gesprekken met een gespecialiseerde hulpverlener die ondersteuning biedt bij het verwerken van klachten na een abortus. De trajecten worden op verschillende locaties in het land aangeboden, maar kunnen ook via beeldbellen of telefonisch plaatsvinden. Via Fiom of het Informatiepunt Onbedoelde Zwangerschap kan iemand terecht voor informatie of worden doorverwezen naar hulp in de buurt. Het Informatiepunt Onbedoelde Zwangerschap is 24/7 bereikbaar via 0800-6160 en chat.
Cijfers in één oogopslag
Alle trajecten worden door de hulpverleners anoniem geregistreerd. Fiom coördineert het landelijk netwerk psychosociale hulp na abortus en verzamelt deze registraties.
In de factsheet geven we informatie over de achtergrond van mensen die hulp zoeken bij psychosociale klachten na een abortus.
Bekijk factsheet
Deze factsheet gaat over mensen die na een abortus hulp zoeken voor psychosociale klachten. De cijfers geven daarom geen beeld van de ervaringen van alle mensen die met abortus te maken krijgen. Hoe iemand een abortus beleeft, verschilt sterk per persoon: gevoelens en reacties lopen uiteen. Een klein deel ontwikkelt psychosociale klachten en nog minder mensen zoeken hiervoor ondersteuning.
Wat valt op in vergelijking met 2024?
- De meeste trajecten duren maximaal drie maanden
Het aandeel korte trajecten is gestegen ten opzichte van 2024. In 2024 ging dit om 76%, in 2025 om 84%. Gemiddeld werden er meer gesprekken gevoerd. In 2025 waren dit er drie, terwijl het er in 2024 twee waren.
- Hulp voor psychosociale klachten wordt kort na de abortus gezocht
Bij 92% van de cliënten was de abortus minder dan een jaar geleden. Dit percentage is hoger dan in 2024, toen ging het om 88%.
- Het aandeel trajecten met vrouw én man of man alleen blijft gelijk
De cijfers van 2025 zijn vergelijkbaar met die van 2024.
- Het aantal cliënten dat doorverwezen wordt voor verdere hulp is toegenomen
In 2025 ging dit om 28%, terwijl het in 2024 nog 21% was.
- Verdriet blijft de meest genoemde klacht waarvoor hulp gezocht wordt
In 2025 speelde dit volgens de hulpverleners in 89% van de trajecten. Dit is hoger dan in 2024, toen dit in 79% van de trajecten werd genoemd.
*en anderen die zwanger kunnen worden.