25/03/2026
Vrouwen* en partners kunnen voor keuzehulp bij een onbedoelde zwangerschap terecht bij gespecialiseerde hulpverleners in het hele land. Fiom publiceert elk jaar een factsheet met de belangrijkste gegevens over deze keuzehulptrajecten. In 2025 vonden er 1628 keuzehulptrajecten plaats. Hulpverleners spraken meestal met een vrouw alleen (69%) of met een vrouw en man samen (24%). De begeleiding vond vaak plaats op de locatie van de hulpverlener (41%), maar werd ook aangeboden via (beeld)bellen of chat. Na afloop van het traject koos 23% van de vrouwen voor zelf opvoeden en 28% voor het afbreken van de zwangerschap. Bij ongeveer de helft (46%) was de keuze nog niet bekend.
Keuzehulptrajecten bij onbedoelde zwangerschap
Een keuzehulptraject bestaat uit één of meerdere gesprekken met een gespecialiseerde hulpverlener over het maken van een keuze bij een onbedoelde zwangerschap. Via Fiom en het Informatiepunt Onbedoelde Zwangerschap kan iemand terecht voor informatie over de keuzes en worden doorverwezen naar hulp in de buurt. Het Informatiepunt Onbedoelde Zwangerschap is 24/7 bereikbaar via 0800-6160 en chat.
Cijfers in één oogopslag
Alle keuzehulptrajecten worden door de hulpverleners anoniem geregistreerd. Fiom coördineert het landelijk netwerk keuzehulp en verzamelt deze registraties.
In de factsheet geven we informatie over de achtergrond van mensen die hulp zoeken bij het maken van een keuze over een onbedoelde zwangerschap.
Bekijk factsheet
Wat valt op in vergelijking met 2024?
- Het aantal keuzehulptrajecten is gedaald
In 2025 waren er 1628 keuzehulptrajecten. In 2024 vonden er 1800 trajecten plaats.
- Bij 1 op de 4 keuzehulptrajecten zijn vrouw én partner aanwezig
In 2025 ging dat om bijna een kwart van de trajecten (24%). In 2024 was dit percentage 20%.
- Veruit de meeste trajecten vinden plaats in de vroege zwangerschap
Een keuzehulptraject vond meestal plaats binnen de eerste 8 weken van de zwangerschap (77%). Bij een ruime meerderheid (92%) werd keuzehulp geboden tijdens het eerste trimester. In 2024 was dit 89%.
- Het aantal cliënten met een vaste partner is gestegen
In 2025 had 72% van de cliënten een vaste partner. In 2024 ging dit om 67%.
- Cliënten worden vaker doorverwezen door een professional
Meestal wordt iemand doorverwezen door Fiom of een abortuskliniek. Het aantal cliënten dat in 2025 op eigen initiatief terechtkwam bij keuzehulp was 45%. In 2024 was dit nog 51%.
- Het percentage mannen dat volgens hulpverleners druk ervaart bij het keuzeproces is gestegen
In 2024 ging het om 17% van de trajecten, terwijl dit percentage in 2025 toenam naar 34%. Deze stijging komt waarschijnlijk door meer bewustzijn bij hulpverleners over dit onderwerp.
*en anderen die zwanger kunnen worden.